blog shbarcelona català   blog shbarcelona español   blog shbarcelona français   blog shbarcelona english   blog shbarcelona russian   blog shbarcelona russian   blog shbarcelona   blog shbarcelona
Alles over appartementen huren

Wijzigingen in de vastgoedregelgeving in 2019

Wijzigingen in de vastgoedregelgeving in 2019
Geschreven door Daan

De laatste tijd is er – samen met de wisseling van de wacht bij de overheid – een reeks veranderingen in de vastgoedregelgeving aangebracht. Deze wijzigingen hebben als doel de huurder (beter) te beschermen tegen mogelijk misbruik door verhuurders en makelaarbureaus.

De nieuwe toevoegingen en veranderingen zorgen voor stabiliteit op de huurmarkt door inhoudelijk, betere huurovereenkomsten. De verhuurder kan de huurprijs namelijk niet meer zo vaak verhogen als tot nu toe het geval is geweest.

In dit artikel van ShBarcelona praten we je graag bij over enkele veranderingen in de vastgoedregelgeving en de voordelen er van. Ook worden mogelijke problemen aangestipt.

Gerelateerd artikel: Wijzigingen in de Wet op Stedelijke Verhuur (LAU)

Nieuwe regelgeving, nieuwe problemen?

De nieuwe regelgeving in een notendop

  • De standaardduur van een huurovereenkomst wordt verlengd van drie naar vijf jaar en voor natuurlijke personen geldt dat – indien huurder of verhuurder niet aangeeft het huurcontract niet te willen verlengen – deze stilzwijgend verlengd wordt van één naar drie jaar.
dame houdt kaartje met voorwaarden vast

Imagen de Thanks for your Like en Pixabay

  • Indien de verhuurder een rechtspersoon is, is de verplichte contractduur zeven jaar en de stilzwijgende verlenging drie jaar.
  • De verhoging van de jaarlijkse huurprijs wordt gekoppeld aan de IPC (Indice de Precios de Consumo, oftewel consumentenprijsindex of CPI in het Nederlands) voor de gehele duur van het contract (5 jaar).
  • De borg ter waarde van een maand huur mag maximaal met twee maanden huur uitgebreid worden ter extra garantie, tenzij het om langdurige contracten gaat.
  • Om het contract te beëindigen moet de verhuurder de huurder minimaal vier maanden voor het verstrijken van de contractdatum – of de verlenging –  op de hoogte stellen van zijn voornemen om het contract niet te verlengen. Bij een natuurlijk persoon betreft het dus een huurperiode van minimaal 5 jaar en als het om een rechtspersoon gaat, is de termijn 7 jaar. Als de huurder het contract wil stopzetten, moet hij dit twee maanden van te voren aangeven.
  • Wordt de huurovereenkomst niet beëindigd? Dan wordt het huidige contract telkens met een jaar – met een maximum van in totaal drie jaar – verlengd, tenzij de huurder één maand voor de datum dat het contract afloopt bij de verhuurder aangeeft de huurovereenkomst niet te willen verlengen.
  • Het recht dat de eigenaar heeft om zijn goed terug te mogen vorderen (bijvoorbeeld als de verhuurder zijn object nodig heeft nog voordat de termijn in het contract verstreken is), moet uitdrukkelijk in de overeenkomst worden opgenomen. Terugvorderen kan enkel in het geval hij zelf, zijn echtgenoot of zijn kinderen de ruimte wil gaan bewonen.
  • Indien iemand een huurobject koopt, dient hij zich te houden aan reeds gesloten overeenkomsten, ongeacht of deze wel of niet in het kadaster is ingeschreven.
  • Indien eigenaar en huurder akkoord gaan, kunnen er verbeteringswerkzaamheden aan het object worden uitgevoerd, zonder dat hiervoor een nieuw contract hoeft worden te ondertekend.
  • De contract- en beheerkosten komen voor rekening van de verhuurder, op voorwaarde dat hij een rechtspersoon is.

Hoewel de nieuwe regelgeving weer terug gaat naar de oude contractslooptijd van 5 jaar en deze voor alle huurders geldt, komt de discussie over de vraag of deze looptijd voldoende of juist te lang is nu weer op gang.

Gerelateerd artikel: Barcelona: woning kopen of huren?

Mogelijke twistpunten

Zoals vaak het geval is in dit soort situaties, hangen de meningen af van de behoeften van elke partij. Elke huurder heeft natuurlijk graag stabiliteit wanneer het gaat om een dak boven zijn hoofd.

contracten op tafel met handen met pennen

Imagen de aymane jdidi en Pixabay

Daartegenover staat de verhuurder, die zijn recht om het eigendom te exploiteren graag wil uitoefenen. Indien hij een andere huurder wenst of verbeteringen aan het object wil aanbrengen om het rendement te verbeteren, is het niet fair als hij die flexibiliteit niet krijgt.

De oplossing is meestal de gulden middenweg. In deze gevallen lijkt sociale consensus dan ook het meest geschikt. Als er in de oude termijn van vijf jaar een overeenkomst werd gesloten, betekende de vorige termijn van drie jaar namelijk een verkorting van de contractperiode.

De enige conclusie die je kunt trekken, is dat er bij het vaststellen van de minimumcontractperiode naar zowel de hurende als verhurende partij wordt gekeken. Zij willen immers beiden juridische zekerheid, maar vooral ook gemoedsrust.

Wat vind jij van deze wijzigingen in de regelgeving voor vastgoed?

Over de auteur

Daan

Daan schrijft, vertaalt en geniet van Barcelona.

Laat een reactie achter